Tijd met God
Waardoor werd dit boek geïnspireerd? Welke boodschap zit erin verborgen? Wat was het mooiste of bijzonderste aan het schrijven ervan? Die vragen en meer beantwoordt Eline Hoogenboom in dit interview over Tijd met God.
Waar gaat het boek over?
‘Tijd maken voor God en daar vervolgens invulling aan geven is iets wat in dit drukke leven best lastig kan zijn en daarom is er dit boek. Het staat vol praktische tips om je tijd met God vorm te geven – van ‘leg een dagboek bij het koffieapparaat’ en ‘hang een bijbeltekst die je wilt onthouden naast de spiegel’, tot ‘maak een gebedswandeling’ of ‘begin een gebedsgroepje’ – en de vragen die daarbij staan, helpen je vervolgens om op te schrijven wat je daarbij ervaart en leert.
Hoe kwam je op het idee voor het boek?
‘Door de gesprekken die ik met veel vrouwen voerde, merkte ik dat er veel geworsteld wordt met het invullen van de tijd met God. Vaak wordt er gedacht dat het bijvoorbeeld met een boekje in een hoekje om zes uur ’s ochtends moet of dat het altijd letterlijk stille tijd moet zijn. Maar dat hoeft niet per se, want je kunt op zo veel verschillende manieren Zijn aanwezigheid zoeken. Dat wil ik met dit boek duidelijk maken.’
Wat vond je het fijnste aan het schrijven ervan?
‘Deze zomer kon ik veel in het huis van mijn broertje aan het Utrechtse kanaal schrijven – weer even terug naar de stad waar ik jarenlang heb gewoond. Dat was een cadeau op zich! Verder leer ik zelf altijd veel van het schrijven van boeken als dit, omdat ik daarvoor veel lees en onderzoek en de Bijbel er regelmatig bij pak. Dat vind ik echt genieten.’
Wat wil je lezers met het boek meegeven?
‘Dat tijd met God niet “statisch” is, niet iets vastomlijnds. Het is prachtig als je je verlangen leert voeden en als uitwerking daarvan vanuit jezelf meer tijd met God wilt doorbrengen.’
Ben je al met iets nieuws bezig?
‘Ik ben bezig met bijkomen. Het is een intens jaar met veel nieuwe dingen voor Villavie geweest, dus ik neem december zo veel mogelijk vrij om weer nieuwe energie op te doen voor 2023. Maar er komt vast wel weer een nieuw boek.’