Het meisje van de wagenkerk
Al jarenlang zien er tientallen nieuwe boeken het levenslicht en soms zou je door de zee aan recente titels zomaar vergeten dat er ook al veel pareltjes bestaan. Die zijn dan misschien wat ouder, maar zeker niet minder mooi of meeslepend of onvergetelijk, en dus met recht een echte leestip. Zoals Het meisje van de wagenkerk (Judith Miller).
Inhoud
Verenigde Staten, 1913. Na jarenlang in Pittsburgh een afgeschermd leven te hebben geleid, is Hope Irvine toe aan wat avontuur. Als haar vader wordt aangesteld als dominee van een tot wagenkerk omgebouwde treinwagon waarmee hij door West-Virginia zal trekken en zij de kans heeft om hem te vergezellen, aarzelt ze dan ook geen moment – ze gaat met hem mee.
In de tijd die volgt, houdt Hopes vader kerkdiensten in de stadjes die ze tijdens hun rondreis aandoen, terwijl Hope daar een zondagsschool voor de kinderen organiseert. Zo komen ze ook bij het mijnwerkersstadje Finch, waar de mensen als gevolg van de zware tijden die ze hebben doorgemaakt nogal wantrouwend tegenover buitenstaanders staan. Ondanks die argwaan besluiten Hope en haar vader er te blijven en na enige tijd merkt Hope dat de inwoners meer en meer openstaan voor de boodschap die ze brengen, wat haar ertoe aanspoort om ook de kinderen in de omliggende plaatsjes bijbelles te geven. Daarbij wordt ze vergezeld door Kirby Finch, de zoon van de mijneigenaar die zo op het eerste gezicht vriendelijk en charmant overkomt, al lijkt Luke Hughes, een van de mijnwerkers uit het stadje, daar heel anders over te denken. De vraag is alleen: waarom?
Aanbeveling
Het meisje van de wagenkerk wekt een onbekend stukje geschiedenis tot leven in een plezierig romantisch verhaal, dat een fijn zoethoudertje vormt.