De laatste libelle
Je hebt van die boeken die zo mooi zijn dat je er geen genoeg van krijgt. Die je in één ruk uitleest, omdat er geen wegleggen aan is. Die om welke reden ook – de krachtige inhoud, het fascinerende plot, de heerlijke romance… – door íédereen gelezen zouden moeten worden. Echte leeslievelings! Zoals De laatste libelle (Kim Michele Richardson).
Inhoud
Verenigde Staten, 1936. Diep weggestopt in de Appalachen van het onherbergzame Kentucky leeft de negentienjarige Cussy Mary Carter, een van de laatst overgeblevenen van een geslacht van blauwe mensen. Om bij te dragen aan het levensonderhoud van haar en haar vader heeft ze zich aangesloten bij de Packhorse Libraries, die bibliothecaresses te paard boeken laat bezorgen bij verarmde heuvelbewoners, en zodoende trekt ze er bijna elke dag met haar muilezel Junia en haar zadeltassen vol leesvoer op uit om de mensen in de nabije omgeving troost, hoop en vreugde in de vorm van boeken en tijdschriften te brengen.
Ondanks dat het werk best veel van haar vraagt, zou Cussy niets anders willen doen; ze geniet er enorm van en op haar route dwars door de soms verraderlijke bergen maakt ze allerlei nieuwe vrienden, zoals de zestienjarige Angeline Moffit, de kleine Henry die in haar voetsporen wil treden en de bijna blinde Loretta Adams. Maar het is ook niet zonder risico, want daarnaast krijgt ze te maken met de vijandigheid van andere bergbewoners die haar vanwege haar afwijkende blauwe huidskleur wantrouwen. Sommigen gaan zelfs zover dat ze zeggen haar het liefst uit de weg te ruimen en daar ook naar handelen…
Aanbeveling
De laatste libelle is een zintuiglijke en door echte historische gebeurtenissen geïnspireerde roman over de genezende kracht van het geschreven woord.